Vandaag ben ik precies een weekje terug van E3 en ik ben alweer een beetje aan het Hollandse dagelijks leven gewend. Ik word een beetje verdrietig als ik terugdenk aan E3, maar ik ga het toch voor jullie doen.Ik had mijn vorige column vanaf E3 geschreven op de presentatie-maandag. Laat ik deze column dan schrijven over de andere E3-dagen, namelijk die waar je thuis eigenlijk weinig van meekrijgt. Het is het beste te vergelijken met Gamescom. Je hebt van te voren allemaal afspraken gemaakt bij verschillende uitgevers en daar ren je die drie dagen dan langs om al die verse games te checken.
Wat een groot verschil is tussen Gamescom en E3 is dat er op Gamescom een beursvloer is met grote stands, en een groot persgedeelte met kleine hokjes waarin je behind closed doors sessies hebt. Op E3 heb je meestal afspraken op de stands en zijn er slechts enkele afspraken in kleine kantoortjes boven. Dat is een groot verschil en het betekent dat je op E3 veel meer rondloopt dan op Gamescom. Gamescom is namelijk ook toegankelijk voor bezoekers, waardoor het als pers sowieso bijna niet te doen zou zijn om naar afspraken te gaan op stands (poeh, die drukte op Gamescom!). Op E3 zijn er wel bezoekers maar dat zijn volgens mij mensen die een peperduurkaartje hebben gekocht en/of mensen van winkels om de nieuwe verkoopwaar te bekijken.
Veel lopen, weinig tijd door back-to-back afspraken, E3 vliegt voorbij omdat je zo druk bent. Toch lukte het me tot mijn grote verrassing wel om redelijk rustig te blijven. Van te voren weet je niet wat je kunt verwachten, maar na de eerste dag kwam er wel een soort rust over me waardoor ik er gewoon van kon genieten. Uiteindelijk heb ik al mijn afspraken gehaald dus ik ben happy.Wat ik van te voren allemaal had gehoord en gezien over E3 viel (dit jaar) erg mee. Er waren niet echt stands die hun muziek zo hard hadden dat ze maar tegen elkaar aan zaten te schreeuwen waardoor je halfgek werd. Er waren ook bijna geen boothbabes, wat ik een heel groot voordeel vond. Er was een hele schattige verkleed als een Japans gamepersonage, en die stond ook echt bij die game, dus dat was awesome. Verder viel t me op dat ‘familie’-gamebedrijf Nintendo nog de meeste knappe meisjes in dienst had, die ook redelijk korte strakke rokjes droegen. Maar goed, ze zagen er leuk uit en niet sletterig, meer girl-next-door dus eigenlijk gewoon cute.
Mede door die dingen ben ik E3 echt heel erg tof gaan vinden. Het is natuurlijk geweldig om lekker te gamen, presentaties te krijgen en interviews te doen, maar daar komt nog bij dat de sfeer erg leuk is en je gewoon lekker je gangetje kunt gaan. Ik heb er echt heel erg van genoten. Zo erg, dat ik nu al aan het onderzoeken ben in welk hotel ik het beste kan verblijven volgend jaar. Als ik daar zo op de beursvloer loop (dit klinkt waarschijnlijk heel erg raar/overdreven, maar ik probeer hier even heel eerlijk te zijn) dan voel ik me thuis, alsof dit is wat ik hoor te doen. Dat is ook wel pijnlijk natuurlijk, vooral als je weer thuis komt waarin het dagelijks leven weer begint. Het dagelijks leven waarin je een baan doet die best vol te houden is, maar heel ver af staat van je eigenlijke droom. Op zich is het wel heel goed geweest voor mij om naar E3 te gaan. Ik zag het van te voren ook als een soort kruispunt: ik werk nu al zo lang zo hard voor diverse gamesites, moet ik nou wel zo doorgaan? Gaat dat wel ergens heen? Op E3 heb ik daar het antwoord op gekregen: Ja, je moet je droom absoluut niet opgeven.
Tot volgend jaar, Los Angeles!
